Rol bestuurders en toezichthouders

Bestuurders en toezichthouders worden steeds vaker aangesproken op hun verantwoordelijkheden en de (hoofdelijke) aansprakelijkheid groeit. De wetgever plaatst de toezichthouder steeds dichter bij de organisatie en verlangt ook dat er niet meer alleen retrospectief geëvalueerd wordt. In plaats daarvan dient de toezichthouder zich proactief, kritisch en ondersteunend op te stellen.

Goede toezichthouders vragen zich af hoe ze bestuurder het beste kunnen ondersteunen bij het vormgeven van een succesvolle zorgorganisatie.

Goede bestuurders voorzien toezichthouders tijdig van adequate informatie en delen hun strategische dilemma’s met de toezichthouder. De taak van de toezichthouder bestaat immers niet uit het achteraf vaststellen dat patiënten of cliënten en zorgverleners niet tevreden zijn, de zorg van onvoldoende kwaliteit is en de financiële situatie onhoudbaar is.

Toezichthouders en bestuurders hebben daardoor een toenemende behoefte aan sturingsindicatoren in plaats van verantwoordings-rapportages. De toezichthouder kan zo, samen met de bestuurder, de organisatie tijdig bijsturen om betere resultaten te boeken. Het bereiken van gewenste doelstellingen en vooral het leveren van goede zorg is meer afhankelijk van de zorgverleners in de organisatie, dan van bestuurders en toezichthouders. De bijdrage van bestuurders en toezichthouders is meer ondersteunend en voorwaardenscheppend, zoals het vorm geven aan een meer ondernemende en professionele organisatiecultuur en een wendbare organisatie.

Kortom, de ‘oude’ manier van toezichthouden is niet meer toereikend. De huidige maatschappelijke ontwikkelingen en wijzigingen van wettelijke kaders vragen een andere manier van werken.
Dit opleidingsprogramma is bedoeld voor iedereen die geïnformeerd en ondersteund wil worden bij het inslaan van deze nieuwe weg.